Wie wij zijn

Na de Vietnam-oorlog vluchtten circa 2 miljoen Vietnamezen op gammele bootjes voor het communistische bewind. Ongeveer 10.000 van hen kregen de gelegenheid om in Nederland een nieuw bestaan in vrijheid op te bouwen.

De bootvluchtelingen vormen nu het overgrote deel van de Vietnamese gemeenschap in Nederland. Nadien werd de gemeenschap nog uitgebreid met Vietnamese gastarbeiders uit Oost-Europa die na de val van de Berlijnse muur het vrije Westen wisten te bereiken. Een ander deel is naar Nederland gekomen in het kader van gezinshereniging.  ... 

 

Nieuws...

De betekenis van Boeddhabeelden van Vạn Hạnh pagode

In alle culturen worden beelden gemaakt ter verering van of als nagedachtenis aan mensen met een bijzondere verdienste. In Oost-Azië speelt dankbaarheid een belangrijke rol, in het bijzonder dankbaarheid jegens voorouders en leermeesters. Boeddhisten zien de Boeddha als hun levensleraar. Het is dan ook niet verwonderlijk dat in alle pagodes en in de meeste huizen wel een altaar te vinden is met één of meer Boeddhabeelden. 

Naast de door cultuur ingegeven dankbaarheid is er nog een diepere, Boeddhistische, reden om Boeddhabeelden te vereren. Elke Boeddha staat symbool voor een aantal goede eigenschappen die elke Boeddhist nastreeft. Door studie, beoefening en meditatie probeert elke Boeddhist zijn eigen Boeddha-natuur te ontwikkelen om zelf een Boeddha te worden. Een Boeddhabeeld wordt altijd zo gemaakt dat deze eigenschappen goed tot uiting komen. Wanneer een Boeddhist naar het beeld kijkt, wordt hij herinnerd aan zijn doel.

Het middelste beeld op dit altaar is de Sakyamuni Boeddha, die 25 eeuwen geleden als prins Siddharta in India werd geboren, afstand nam van alle macht en rijkdom en uiteindelijk de weg naar de verlichting ontdekte. Sakyamuni Boeddha, in het Vietnamees Thich Ca Mau Ni Phat, is de grondlegger van de Boeddhistische leer voor onze wereld en staat symbool voor Inzicht.

Links staat het beeld van Ksitigarbha, in het Vietnamees Dia Tang Vuong Bo Tat. Dia Tang is een Bodhisattva. Een Bodhisattva is iemand die zijn eigen Boeddhaschap uitstelt met het doel om zich ten dienste te stellen van alle levende wezens. Door zich bewust te onderwerpen aan wedergeboorte mengen Bodhisattva’s zich in alle mogelijke milieus om alle levende wezens waar dan ook te kunnen helpen. Dia Tang heeft de wens uitgesproken dat hij de laatste zal zijn die de hel verlaat. Dia Tang staat symbool voor Moed.

Rechts staat het beeld van Guan Yin, in het Vietnamees Quan The Am Bo Tat. Quan The Am Bo Tat is ook een Bodhisattva en staat symbool voor Mededogen. In het Boeddhisme is mededogen een onbegrensde liefde. Mededogen is onvoorwaardelijk, net als de liefde van een moeder voor haar kind. Mededogen reikt echter nog verder, omdat het zich niet beperkt tot de eigen kinderen. Een Boeddhist streeft naar een gevoel van mededogen jegens alle levende wezens. Boeddhisten in nood bidden vaak tot Quan The Am Bo Tat. Door haar liefdevolle uitstraling brengt ze verzachting in alle leed.

De drie Boeddhabeelden op dit altaar staan symbool voor Inzicht, Moed en Mededogen. Moed is nodig om tot daden te komen. Inzicht zorgt ervoor dat men de juiste dingen doet. Door mededogen te ontwikkelen, is een Boeddhist ervan verzekerd dat hij handelt in het belang van alle levende wezens. Elke daad waarbij één van deze drie aspecten ontbreekt, kan schadelijk zijn.

Boeddhisten brengen wierook en fruit als offer naar het altaar. Dat doen ze uit dankbaarheid, maar ook om hun vrijgevigheid te beoefenen. Vrijgevigheid is een belangrijke Boeddhistische deugd, omdat daarmee hebzucht en gehechtheid worden verdrongen.

Mensen maken buigingen en knielingen voor het altaar. Dat doen ze uit respect voor de Boeddha’s en Bodhisattva’s, maar ook om hun eigen ego en trots te verdringen. Een Boeddhist leert om in het belang van alle levende wezens te handelen en daarbij is geen plaats voor egocentrisch denken.

In deze zaal met deze Boeddhabeelden komen mensen zichzelf verbeteren. Daardoor zal de wereld elke dag iets mooier worden. Een vredige geest leidt tot immers een vredige wereld.

********

 

Een Pagode in een nieuw land

 

In het begin van de jaren tachtig werden ongeveer 10.000 Vietnamese bootvluchtelingen door Nederland opgevangen. Onder hen bevonden zich veel boeddhisten (ca. 60%).

Voor hen bestond er echter geen faciliteit voor religieuze en geestelijke opvang, in tegenstelling tot de Vietnamese christenen. Al gauw ontstond er onder de Vietnamese boeddhisten de behoefte om naar een pagode te gaan.

Gelukkig kregen de Vietnamese boeddhisten steun en advies van de eerwaarde monniken van de pagoden Khánh Anh in Frankrijk en Viên Giác in Duitsland.

 

Op 3 april 1985 is de Stichting Vietnamese Boeddhistische Samenwerking in Nederland officieel opgericht.

In 1986 werd de eerste tempel voor Vietnamese boeddhisten in Nederland opgericht, de tempel Niệm Phật, in een woonhuis in Hoorn, Noord Holland.

In 1993 kocht de Stichting Vietnamese Boeddhistische Samenwerking  in Nederland een boerderij in Nederhorst-den-Berg en vormde die om tot een pagode, de Vạn Hạnh Pagode.

De pagode is niet alleen de plaats van samenkomst voor religieuze plechtigheden, het is tevens de plaats waar wij altijd naar toe kunnen omdat het ons THUIS is.

 

Gezien het groeiende aantal bezoekers over de jaren, vertoonde de Pagode in Nederhorst-den-Berg gebreken in ruimte en parkeerplaatsen. Wij waren genoodzaakt een nieuwe plek te vinden om een nieuwe pagode te bouwen.

Gelukkig hebben we een plek in de gemeente Almere gevonden waar, na goedkeuring van de gemeente, de bouw van een nieuwe pagode is gerealiseerd.

 

Op 12 december 2012, om 12.12 uur in de middag, is de eerste steen voor de bouw van de nieuwe Van Hanh Pagode in Almere symbolisch gelegd.

Na een twee jaar durende bouw, en dankzij donaties van de Vietnamese boeddhisten en Nederlandse vrienden, is de nieuwe Van Hanh Pagode in 2015 voltooid.

 

De Vạn Hạnh Pagode blijft in de toekomst verschillende activiteiten organiseren. Het zal blijven bijdragen aan een vreedzame Nederlandse maatschappij waarin de Vietnamese boeddhisten hun steentje zullen bijdragen.